Home

Rechtbank Noord-Holland, 26-04-2023, ECLI:NL:RBNHO:2023:3709, C/15/326726 / HA ZA 22-219

Rechtbank Noord-Holland, 26-04-2023, ECLI:NL:RBNHO:2023:3709, C/15/326726 / HA ZA 22-219

Gegevens

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
26 april 2023
Datum publicatie
15 mei 2023
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2023:3709
Zaaknummer
C/15/326726 / HA ZA 22-219

Inhoudsindicatie

Finale verrekening na echtscheiding. Verrekening gehele waarde in verband met opzettelijke verzwijging van een woning (1:135 BW).

Uitspraak

Civiel recht

Zittingsplaats Haarlem

Zaaknummer: C/15/326726 / HA ZA 22-219

Vonnis van 26 april 2023

in de zaak van

[eiser] ,

wonende te [woonplaats],

eisende partij,

advocaat: mr. M. Verhoog te Alkmaar,

tegen

[gedaagde] in hoedanigheid van bewindvoerder van [A.],

wonende te [woonplaats],

gedaagde partij,

advocaat: mr. A. Vogelaar te Wormerveer.

Partijen zullen hierna [eiser], de bewindvoerder en [A.] worden genoemd.

1 De zaak in het kort

1.1.

[eiser] en [A.] zijn met elkaar getrouwd geweest. In hun huwelijkse voorwaarden is bepaald dat zij bij het einde van het huwelijk afrekenen alsof zij gehuwd zijn in gemeenschap van goederen. [eiser] stelt dat [A.] bij die verrekening opzettelijk heeft verzwegen dat zij een woning op [land] heeft en dat hij dat ook niet wist. [eiser] vordert daarom dat de gehele waarde van deze woning aan hem wordt vergoed. De rechtbank wijst de vordering toe tegen de bewindvoerder, omdat het vermogen van [A.] tijdens de procedure onder bewind is gesteld en de bewindvoerder in de procedure is verschenen.

2 De procedure

2.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 28 september 2022

de mondelinge behandeling van 13 januari 2023 tijdens welke zitting namens [eiser] aanvullende producties zijn overgelegd. De griffier heeft van de zitting aantekeningen bijgehouden - de akte van [eiser] - de akte van de bewindvoerder.

2.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

3. De feiten

3.1.

[eiser] en [A.] en zijn met elkaar gehuwd geweest. Het huwelijk is op [datum] ontbonden door inschrijving van de echtscheidingsbeschikking in de registers van de burgerlijke stand. Partijen waren gehuwd op huwelijkse voorwaarden.

3.2.

De rechtbank heeft in een beschikking van [datum] beslist over de afwikkeling van de huwelijkse voorwaarden tussen partijen. Deze beschikking is voor wat betreft de verrekening op grond van de huwelijkse voorwaarden bekrachtigd in de beschikking van het Gerechtshof Amsterdam van [datum].

3.3.

Ondanks herhaald verzoek en versterking met een dwangsom heeft [A.] niet voldaan aan het verschaffen van de aangiften IB, bankafschriften en afkoopwaarden verzekeringen. Zij was daartoe veroordeeld in het vonnis van de voorzieningenrechter van 3 september 2021.

3.4.

[A.] is op [datum] eigenaar geworden van een perceel grond met woning te [land]. De koopprijs bedroeg [bedrag] (€ 210.263,-). [A.] heeft in de echtscheidingsprocedure geen melding gemaakt van de verkrijging van deze onroerende zaak. Ook van de huuropbrengsten uit deze woning heeft [A.] geen melding gemaakt in de echtscheidingsprocedure.

3.5.

Verder heeft [A.] in de echtscheidingsprocedure geen melding gemaakt van inkomsten uit arbeid in het buitenland. In de echtscheidingsprocedure heeft zij aangevoerd dat zij als gevolg van ziekte niet kon werken en een WIA-uitkering ontving.

3.6.

Op 14 april 2022 en dus na dagvaarding en aanbrengen van de zaak zijn de goederen van [A.] onder bewind gesteld van de bewindvoerder.

4 Het geschil

4.1.

[eiser] vordert - samengevat - veroordeling van tot betaling van € 210.263,00, te vermeerderen met wettelijke rente daarover vanaf [datum] tot de dag van algehele betaling en veroordeling in de kosten van de procedure te vermeerderen met rente en nakosten.

4.2.

[eiser] stelt dat [A.] in de echtscheidingsprocedure opzettelijk de eigendom van de onroerende zaak op [land] en de daaruit verkregen huurinkomsten verzwegen heeft en daarom de gehele waarde van die onroerende zaak aan hem moet vergoeden.

4.3.

De bewindvoerder voert verweer. De bewindvoerder concludeert tot niet-ontvankelijkheid van [eiser], of tot afwijzing van de vorderingen van [eiser], met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van [eiser] in de kosten van deze procedure.

4.4.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

5 De beoordeling

6 De beslissing