Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 11-07-2023, ECLI:NL:RBZWB:2023:4931, 22/3021
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 11-07-2023, ECLI:NL:RBZWB:2023:4931, 22/3021
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 11 juli 2023
- Datum publicatie
- 18 juli 2023
- Zaaknummer
- 22/3021
- Relevante informatie
- Art. 225 Gemw
Inhoudsindicatie
Parkeerbelasting
Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Zittingsplaats Breda
Belastingrecht
zaaknummers: BRE 22/3021 tot en met 22/3025
[belanghebbende] uit [plaats 1], belanghebbende,
en
de heffingsambtenaar van de gemeente Breda, de heffingsambtenaar.
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank de beroepen van belanghebbende tegen vijf uitspraken op bezwaar van de heffingsambtenaar.
De heffingsambtenaar heeft aan belanghebbende vijf naheffingsaanslagen in de parkeerbelasting opgelegd.
De heffingsambtenaar heeft de bezwaren van belanghebbende ongegrond verklaard. De heffingsambtenaar heeft daarbij de naheffingsaanslagen gehandhaafd.
De heffingsambtenaar heeft op de beroepen gereageerd met een verweerschrift.
De rechtbank heeft partijen laten weten dat zij een zitting niet nodig vindt en gevraagd of zij het daarmee eens zijn. Omdat partijen daarna niet om een zitting hebben gevraagd, heeft de rechtbank het onderzoek gesloten en de zaken niet behandeld op een zitting.