Home

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 12-03-2024, ECLI:NL:RBZWB:2024:1605, 22/2010

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 12-03-2024, ECLI:NL:RBZWB:2024:1605, 22/2010

Gegevens

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
12 maart 2024
Datum publicatie
18 maart 2024
ECLI
ECLI:NL:RBZWB:2024:1605
Zaaknummer
22/2010
Relevante informatie
Art. 17 WOZ

Inhoudsindicatie

WOZ-woning

Uitspraak

ECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Zittingsplaats Breda

Belastingrecht

zaaknummer: BRE 22/2010

[belanghebbende] , uit [plaats 1] , belanghebbende,

en

het hoofd van de afdeling Belastingen van de gemeente Breda, de heffingsambtenaar.

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van belanghebbende tegen de uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar van 1 maart 2022.

1.1.

De heffingsambtenaar heeft de waarde van de onroerende zaak [adres 1] te [plaats 1] (de woning) 1 januari 2020 (de waardepeildatum) vastgesteld op € 562.000 (de beschikking). Met deze waardevaststelling is aan belanghebbende ook de aanslag in de onroerendezaakbelastingen van de gemeente Breda voor het jaar 2021 opgelegd (de aanslag).

1.2.

De heffingsambtenaar heeft het bezwaar van belanghebbende ongegrond verklaard. De heffingsambtenaar heeft daarbij de waarde van de woning gehandhaafd.

1.3.

De rechtbank heeft het beroep op 10 januari 2024 op zitting behandeld. Hieraan heeft belanghebbende deelgenomen. Namens de heffingsambtenaar hebben [naam 1] en [naam 2] deelgenomen.

1.4.

Bij sluiting van het onderzoek op zitting heeft de rechtbank meegedeeld binnen zes weken uitspraak te doen. De rechtbank heeft deze termijn niet gehaald en partijen bericht dat de termijn voor het doen van uitspraak is verlengd.

Beoordeling door de rechtbank

2. De rechtbank beoordeelt of de waarde van de woning te hoog is vastgesteld. Zij doet dat aan de hand van de beroepsgronden van belanghebbende. Belanghebbende vindt dat de waarde van de woning op de waardepeildatum € 477.000 moet zijn. De heffingsambtenaar verdedigt de in de uitspraak op bezwaar gehandhaafde waarde van € 562.000.

3. Naar het oordeel van de rechtbank is de waarde van de woning naar de juiste hoogte vastgesteld. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Feiten

Motivering

Conclusie en gevolgen

Beslissing

Informatie over hoger beroep