Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 09-04-2024, ECLI:NL:RBZWB:2024:2323, AWB-22_4539
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 09-04-2024, ECLI:NL:RBZWB:2024:2323, AWB-22_4539
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 9 april 2024
- Datum publicatie
- 16 april 2024
- Zaaknummer
- AWB-22_4539
- Relevante informatie
- Art. 17 Wet WOZ, Art. 22 Wet WOZ, Art. 30a Wet WOZ
Inhoudsindicatie
WOZ woning, gegrond
Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Zittingsplaats Breda
Belastingrecht
zaaknummer: BRE 22/4539
[belanghebbende] , uit [plaats] , belanghebbende,
(gemachtigde: mr. A. Bakker, verbonden aan Maatschap WOZ Juristen)
en
de heffingsambtenaar van Belastingsamenwerking West-Brabant (gemeente Rucphen),
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van belanghebbende tegen de uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar van 12 augustus 2022.
De heffingsambtenaar heeft bij beschikking van 25 februari 2022 de waarde van de onroerende zaak [adres] te [plaats] (de woning) op 1 januari 2021 (de waardepeildatum) vastgesteld op € 287.000 Tegelijk met deze waardevaststelling is aan belanghebbende onder andere de aanslag in de onroerendezaakbelastingen van de gemeente Rucphen voor het jaar 2022 opgelegd (de aanslag OZB).
De heffingsambtenaar heeft het bezwaar van belanghebbende ongegrond verklaard.
De heffingsambtenaar heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.
De rechtbank heeft het beroep op 4 maart 2024 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigde van belanghebbende. Namens de heffingsambtenaar zijn verschenen [naam] en [taxateur] .
Feiten
2. Belanghebbende is eigenaar van de woning. Het betreft een rijwoning (bouwjaar 2021) met een oppervlakte van 113 m² exclusief de berging/ schuur (7 m²) op een perceel van 145 m².