Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 10-04-2024, ECLI:NL:RBZWB:2024:2376, AWB-22_343
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 10-04-2024, ECLI:NL:RBZWB:2024:2376, AWB-22_343
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 10 april 2024
- Datum publicatie
- 18 april 2024
- Zaaknummer
- AWB-22_343
- Relevante informatie
- Art. 223 Gemw
Inhoudsindicatie
Forensenbelasting, ongegrond.
Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Zittingsplaats Middelburg
Belastingrecht
zaaknummer: BRE 22/343
[belanghebbende] uit [plaats 1], belanghebbende,
en
de heffingsambtenaar van Schouwen-Duiveland, de heffingsambtenaar.
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van belanghebbende tegen de uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar van 8 december 2021.
De heffingsambtenaar heeft aan belanghebbende over het jaar 2020 een aanslag forensenbelasting opgelegd tot een bedrag van € 1.476,46 voor het ter beschikking hebben van de gemeubileerde woning [adres] te [plaats 2] naar een heffingsgrondslag van € 442.000.
De heffingsambtenaar heeft het bezwaar van belanghebbende ongegrond verklaard.
De heffingsambtenaar heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.
De rechtbank heeft het beroep op 17 januari 2024 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen belanghebbende, vergezeld door zijn broers [naam 1] en [naam 2]. Namens de heffingsambtenaar is verschenen [naam 3].