Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 05-01-2024, ECLI:NL:RBZWB:2024:43, BRE 22/5836
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 05-01-2024, ECLI:NL:RBZWB:2024:43, BRE 22/5836
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 5 januari 2024
- Datum publicatie
- 11 januari 2024
- Zaaknummer
- BRE 22/5836
- Relevante informatie
- Art. 17 WOZ
Inhoudsindicatie
WOZ-woning
Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Zittingsplaats Breda
Belastingrecht
zaaknummer: BRE 22/5836
[belanghebbende] , uit [plaats] , belanghebbende,
(gemachtigde: [gemachtigde] ),
en
de heffingsambtenaar van Belastingsamenwerking West-Brabant (gemeente Breda), heffingsambtenaar.
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van belanghebbende tegen de uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar van 8 november 2022.
De heffingsambtenaar heeft bij beschikking van 25 februari 2022 de waarde van de onroerende zaak aan de [adres 1] te [plaats] (de woning) op 1 januari 2021 (de waardepeildatum) vastgesteld op € 914.000. Tegelijk met deze waardevaststelling is aan belanghebbende ook de aanslag in de onroerendezaakbelastingen van de gemeente Breda voor het jaar 2022 opgelegd (de aanslag OZB).
De heffingsambtenaar heeft het bezwaar van belanghebbende ongegrond verklaard.
De heffingsambtenaar heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.
De rechtbank heeft het beroep op 8 december 2023 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigde van belanghebbende en namens de heffingsambtenaar [naam] en [taxateur].
Feiten
2. Belanghebbende is eigenaar van de woning. Het is een vrijstaande woning met bouwjaar 2017 met een berging, tuinhuis en overkapping.