Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 26-06-2024, ECLI:NL:RBZWB:2024:4560, BRE 23/922 en 23/2241
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 26-06-2024, ECLI:NL:RBZWB:2024:4560, BRE 23/922 en 23/2241
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 26 juni 2024
- Datum publicatie
- 8 juli 2024
- Zaaknummer
- BRE 23/922 en 23/2241
- Relevante informatie
- Art. 17 WOZ, Art. 4 Uitv.reg instructie WOZ, Art. 8:58 Awb
Inhoudsindicatie
WOZ woning en aanslag afvalstoffenheffing (aantal ledigingen)
Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Zittingsplaats Middelburg
Belastingrecht
zaaknummers: BRE 23/922 en 23/2241
[belanghebbende] , uit [plaats] , belanghebbende,
en
de heffingsambtenaar van Sabewa Zeeland (gemeente Goes).
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank de beroepen van belanghebbende tegen de uitspraken op bezwaar van de heffingsambtenaar van 3 januari 2023 en 21 februari 2023.
De heffingsambtenaar heeft bij beschikking van 30 september 2022 de waarde van de onroerende zaak [adres 1] te [plaats] (de woning) op 1 januari 2021 (de waardepeildatum) vastgesteld op € 201.000. Tegelijk met deze waardevaststelling is aan belanghebbende ook onder andere de aanslag in de onroerendezaakbelastingen van de gemeente Goes voor het jaar 2022 opgelegd (de aanslag OZB).
De heffingsambtenaar heeft bij aanslagbiljet van 30 september 2022 aan belanghebbende onder andere een aanslag afvalstoffenheffing ‘Ledigingen afval’ opgelegd voor het jaar 2020.
De heffingsambtenaar heeft de bezwaren van belanghebbende ongegrond verklaard.
De heffingsambtenaar heeft op de beroepen gereageerd met afzonderlijke verweerschriften.
De rechtbank heeft de beroepen op 15 mei 2024 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: belanghebbende. Namens de heffingsambtenaar is verschenen [naam 1] .