Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 21-02-2024, ECLI:NL:RBZWB:2024:872, 22/4615
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 21-02-2024, ECLI:NL:RBZWB:2024:872, 22/4615
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 21 februari 2024
- Datum publicatie
- 5 maart 2024
- Zaaknummer
- 22/4615
- Relevante informatie
- Art. 17 WOZ, Art. 24 WOZ, Art. 30 WOZ
Inhoudsindicatie
Woz-woning.
Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Zittingsplaats Breda
Belastingrecht
zaaknummer: BRE 22/4615
[belanghebbende] , uit [plaats] , belanghebbende,
(gemachtigde: [gemachtigde 1] van [bedrijf] ),
en
de heffingsambtenaar van de gemeente Tilburg, de heffingsambtenaar.
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van belanghebbende tegen de uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar van 5 september 2022.
De heffingsambtenaar heeft bij beschikking van 28 februari 2022 de waarde van de onroerende zaak [adres 1] (de woning) op 1 januari 2021 (de waardepeildatum) vastgesteld op € 232.000. Tegelijk met deze waardevaststelling is aan belanghebbende ook de aanslag in de onroerendezaakbelastingen van de gemeente Tilburg voor het jaar 2022 opgelegd (de aanslag OZB).
De heffingsambtenaar heeft het bezwaar van belanghebbende ongegrond verklaard.
De heffingsambtenaar heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift en een aanvullend verweerschrift.
De rechtbank heeft het beroep op 20 december 2023 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: gemachtigde van belanghebbende, [gemachtigde 2] , en namens de heffingsambtenaar zijn verschenen [naam] en [taxateur 1]
De rechtbank heeft de termijn voor het doen van uitspraak verlengd.