Home

Gerechtshof Amsterdam, 09-05-2023, ECLI:NL:GHAMS:2023:1137, 22/00464

Gerechtshof Amsterdam, 09-05-2023, ECLI:NL:GHAMS:2023:1137, 22/00464

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
9 mei 2023
Datum publicatie
24 mei 2023
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2023:1137
Zaaknummer
22/00464
Relevante informatie
Art. 17 Wet WOZ, Art. 22 Wet WOZ, Art. 40 Wet WOZ, Art. 6:17 Awb, Art. 7:4 Awb

Inhoudsindicatie

WOZ-waarde woning.

Uitspraak

kenmerk 22/00464

9 mei 2023

uitspraak van de vierde meervoudige belastingkamer

op het hoger beroep van

[X] , wonende te [Z] , belanghebbende,

(gemachtigde: G. Gieben)

tegen de uitspraak van 25 mei 2022 in de zaak met kenmerk HAA 21/157 van de rechtbank Noord-Holland (hierna: de rechtbank) in het geding tussen

belanghebbende

en

de heffingsambtenaar van de gemeente Bloemendaal, de heffingsambtenaar.

1 Ontstaan en loop van het geding

1.1.

De heffingsambtenaar heeft bij beschikking als bedoeld in artikel 22 van de Wet waardering onroerende zaken (de Wet WOZ) de waarde van de onroerende zaak [A-straat] 72 te [Z] (de woning) op waardepeildatum 1 januari 2019 voor het jaar 2020 (de WOZ-waarde) vastgesteld op € 451.000. Tegelijk met deze beschikking is aan belanghebbende de aanslag onroerendezaakbelastingen (OZB) voor het jaar 2020 bekendgemaakt.

1.2.

Het hiertegen door belanghebbende ingestelde bezwaar is door de heffingsambtenaar ongegrond verklaard.

1.3.

De rechtbank heeft het hiertegen door belanghebbende ingestelde beroep ongegrond verklaard.

1.4.

Tegen deze uitspraak van de rechtbank is door belanghebbende hoger beroep ingesteld.

1.5.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 18 april 2023. Van het verhandelde ter zitting is een proces-verbaal opgemaakt dat met deze uitspraak wordt meegezonden.

2 Feiten

2.1.

De rechtbank heeft de volgende feiten vastgesteld (belanghebbende wordt in de uitspraak van de rechtbank aangeduid als ‘eiser’ en de heffingsambtenaar als ‘verweerder’):

“1. Eiser is eigenaar van de woning.

2. De woning, gebouwd in 1960, is een hoekwoning met twee dakkapellen, twee balkons en een vrijstaande berging/schuur. De inhoud van de woning is ongeveer 352 m³ en de oppervlakte van het perceel is 183 m². De achtertuin van de woning is gelegen aan water.”

2.2.

Het Hof gaat uit van de hiervoor vermelde feiten. Het Hof voegt hieraan toe dat de heffingsambtenaar in hoger beroep een nieuw waarderapport met een Bijlage Waardeopbouw (hierna de matrix) heeft ingebracht. Hierin leidt hij de waarde van de woning af aan de hand van een vergelijking met objecten aan [A-straat] 1, [B-straat] 11 en [C-straat] 5, alle te [Z] (hierna: de vergelijkingsobjecten).

3 Geschil in hoger beroep

Evenals bij de rechtbank is in hoger beroep in geschil of de heffingsambtenaar in de bezwaarfase mocht volstaan met het ter inzage leggen van de door de gemachtigde in aanvulling op het taxatieverslag gevraagde gegevens, dan wel (afschriften van) deze gegevens aan de gemachtigde had moeten toezenden.

Daarnaast is evenals bij de rechtbank in hoger beroep in geschil of de WOZ-waarde niet te hoog is vastgesteld.

4 Het oordeel van de rechtbank

5 Beoordeling van het geschil in hoger beroep

6 Kosten

7 Beslissing