Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 10-01-2023, ECLI:NL:GHARL:2023:147, 21/01589
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 10-01-2023, ECLI:NL:GHARL:2023:147, 21/01589
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Datum uitspraak
- 10 januari 2023
- Datum publicatie
- 20 januari 2023
- Zaaknummer
- 21/01589
- Relevante informatie
- Art. 225 Gemw, Art. 7:2 Awb, Art. 7:3 Awb, Art. 25 lid 1 AWR
Inhoudsindicatie
Parkeerbelasting. Rechtmatigheid.
Uitspraak
locatie Arnhem
nummer BK-ARN 21/01589
uitspraakdatum: 10 januari 2023
Uitspraak van de vierde enkelvoudige belastingkamer
op het hoger beroep van
[belanghebbende] te [woonplaats] (hierna: belanghebbende)
tegen de uitspraak van de rechtbank Gelderland van 16 september 2021, nummer AWB 20/6398, in het geding tussen belanghebbende en
de heffingsambtenaar van de gemeente Arnhem (hierna: de heffingsambtenaar)
1 Ontstaan en loop van het geding
Aan belanghebbende is een naheffingsaanslag in de parkeerbelastingen opgelegd van € 63,90 (€ 2,90 parkeerbelasting en € 61 naheffing).
De heffingsambtenaar heeft bij uitspraak op bezwaar het bezwaar ongegrond verklaard.
Belanghebbende is tegen die uitspraak in beroep gekomen bij de rechtbank Gelderland (hierna: de Rechtbank). De Rechtbank heeft het beroep ongegrond verklaard.
Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van de Rechtbank hoger beroep ingesteld.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 22 december 2022. Partijen zijn daar zonder kennisgeving niet verschenen. Partijen zijn bij aangetekende brieven van 28 november 2022 uitgenodigd voor de zitting. De uitnodiging die aan belanghebbende is gestuurd, is volgens de gegevens van Track&Trace van PostNL op 29 november 2022 om 14:30 uur afgehaald bij het PostNL-punt. De uitnodiging die aan de heffingsambtenaar is gestuurd, is volgens de gegevens van Track&Trace van PostNL op 29 november 2022 om 8:38 uur afgehaald bij het PostNL-punt.
2 Vaststaande feiten
Belanghebbende heeft op 3 november 2020 omstreeks 09:50 uur het voertuig van het merk Skoda met kenteken [kenteken1] (de Skoda) geparkeerd ter hoogte van de Cronjéstraat te Arnhem. Deze locatie is door het college van burgemeester en wethouders aangewezen als een plaats waar tegen betaling van parkeerbelasting mag worden geparkeerd.
De controleambtenaar heeft geconstateerd dat voor het parkeren van de Skoda geen parkeerbelasting was voldaan. Naar aanleiding daarvan heeft de heffingsambtenaar de naheffingsaanslag aan belanghebbende opgelegd.
Voor het parkeren in sector F (Transvaal, waaronder ook de Cronjéstraat valt) heeft de heffingsambtenaar op 27 november 2022 een Bedrijfsvergunning Beperkt voor het motorvoertuig met het kenteken [kenteken2] verstrekt aan [naam1] B.V. te [plaats1] , vertegenwoordigd door [naam2] . In de beschikking waarin de Bedrijfsvergunning beperkt is gegeven, heeft de heffingsambtenaar het volgende opgemerkt:
“Bedrijfsvergunning Beperkt
Deze vergunning is aan u verleend op grond van art. 2, onderdeel b, van de Parkeerverordening 2020 van de gemeente Arnhem voor het motorvoertuig met kenteken: [kenteken2]
Deze vergunning wordt verleend onder de volgende voorschriften en beperkingen:
• Deze vergunning geeft een parkeerrecht voor de hierboven aangegeven sector;
• De vergunning geeft geen garantie op een vrije parkeerplaats;
• Als u niet meer voldoet aan de voorwaarden, bent u verplicht dit te melden;
• U bent verplicht zich te houden aan de door de parkeercontroleurs gegeven instructies en aanwijzingen;
• Parkeert u in strijd met deze voorwaarden, dan staat dat gelijk aan parkeren zonder vergunning;
• Bij misbruik kan uw vergunning worden ingetrokken.
Kentekenwijziging
U kunt zelf een kentekenwijzing van uw vergunning doorgeven. Dat kan met uw DigiD of inloggegevens in het digitaal parkeerloket op https://arnhem.parkeer.nl/webshop.”
Op 3 november 2020 heeft in het digitale parkeerloket een kentekenwijziging plaatsgevonden, waarbij het kenteken van de Skoda is ingevoerd. Hierbij is als ingangsdatum 9 november 2020, 9:00 ingevoerd.
Belanghebbende heeft digitaal bezwaargronden ingediend, waarin hij het volgende heeft opgemerkt:
“Ik ben het theoretisch gezien eens met deze beschikking (…). Helaas is per abuis de verkeerde datum ingevoerd. De datum waarop de parkeeractie is gestart is 9 november terwijl dit op 3 november had moeten zijn. (…) Op grond van het bovenstaande verzoek ik u om enige coulance en de naheffingsaanslag te vernietigen. Ik ben bereid om bij de behandeling van dit bezwaarschrift mondelinge toelichting hierop te geven.”
3 Geschil
In geschil is of de heffingsambtenaar de naheffingsaanslag parkeerbelasting ten onrechte heeft opgelegd. Tevens is in geschil of de heffingsambtenaar de hoorplicht heeft geschonden en of belanghebbende recht heeft op een proceskostenvergoeding.
Belanghebbende beantwoordt deze vragen bevestigend en de heffingsambtenaar beantwoordt deze ontkennend.