Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 17-05-2022, ECLI:NL:GHSHE:2022:1546, 200.283.389_01
Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 17-05-2022, ECLI:NL:GHSHE:2022:1546, 200.283.389_01
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Datum uitspraak
- 17 mei 2022
- Datum publicatie
- 8 juni 2022
- ECLI
- ECLI:NL:GHSHE:2022:1546
- Formele relaties
- Eerste aanleg: ECLI:NL:RBOBR:2020:4087
- Zaaknummer
- 200.283.389_01
- Relevante informatie
- Burgerlijk Wetboek Boek 1 [Tekst geldig vanaf 01-01-2024] art. 88
Inhoudsindicatie
Wie is partij bij geldlening? Toestemming echtgenote art. 1:88 BW. Achterstelling lening?
Uitspraak
Team Handelsrecht
zaaknummer 200.283.389/01
arrest van 17 mei 2022
in de zaak van
[appellant] ,
wonende te [woonplaats] ,
appellant,
hierna aan te duiden als [appellant] ,
advocaat: mr. M.J.W. van Ingen te 's-Hertogenbosch,
tegen
[geïntimeerde] ,
wonende te [woonplaats] ,
geïntimeerde,
hierna aan te duiden als [geïntimeerde] ,
advocaat: mr. C.C.C.A.M. Kuijken te Valkenswaard,
op het bij exploot van dagvaarding van 8 september 2020 ingeleide hoger beroep van het vonnis van 26 augustus 2020, door de rechtbank Oost-Brabant, zittingsplaats 's-Hertogenbosch, gewezen tussen [appellant] als gedaagde en [geïntimeerde] als eiser.
1 Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/01/351852 / HA ZA 19-702)
Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar voormeld vonnis.
2 Het geding in hoger beroep
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- -
-
de dagvaarding in hoger beroep
- -
-
de memorie van grieven van 1 december 2020, met producties 8 t/m 12
- -
-
de memorie van antwoord van 9 maart 2021, met producties 16 en 17
- -
-
de mondelinge behandeling, waarbij van de zijde van [appellant] spreekaantekeningen zijn overgelegd.
Het hof heeft daarna een datum voor arrest bepaald. Het hof doet recht op bovenvermelde stukken en de stukken van de eerste aanleg.
3 De beoordeling
De feiten
Het hof gaat uit van de volgende feiten.
a. [geïntimeerde] en [appellant] hebben in 2010 mondeling overeenstemming bereikt over een door [geïntimeerde] te verstrekken geldlening aan (in elk geval) [X] Beheer B.V. (hierna “Beheer”) voor een bedrag van € 150.000,00. Toen in 2012 door [geïntimeerde] een aanvullende lening voor een bedrag van € 300.000,00 is verstrekt, zijn de afspraken over de geldleningen vastgelegd in de akte van geldlening 30 maart 2012.
Voorafgaand aan de ondertekening van de akte van geldlening is gecorrespondeerd over concepten van de akte. Per e-mail van 26 maart 2012 met kenmerk “ [geïntimeerde] - [X] BV” is door [notaris] van het notariskantoor [Y] Notarissen B.V. een concept gestuurd aan de heer [persoon A] (hierna: [persoon A] ):
“(...)
omwille van de geboden snelheid bijgaand -ook in word- de geldlening tussen de heer [geïntimeerde] en [X] Beheer B.V.
Zoals je in de akte kunt zien beschik ik nog niet over alle informatie.
- alle personalia van de heer [geïntimeerde] ;
- de datum waarop de 1e lening is verstrekt;
- de looptijd van lening;
- de wijze van aflossen;
- de hoogte van de rente alsmede de eventuele rentevast-periode;
- de zekerheden (heb onder artikel 9 een pos-neg verklaring opgenomen;
- is er sprake van achterstelling (zie artikel 10).
Tevens een versie in word om aanpassingen te kunnen maken- variabelen te kunnen invullen.
(...)”
[persoon A] heeft deze e-mail met het concept doorgestuurd aan [geïntimeerde] met het verzoek het concept aan te passen. [geïntimeerde] en de echtgenote van [appellant] , mevrouw [persoon B] (hierna: [persoon B] ), hebben vervolgens per e-mail over de concepten en ondertekening van de akte van geldlening gecorrespondeerd.
In de akte van geldlening is onder meer het volgende bepaald:
“AKTE VAN GELDLENING
(...)
Betreft: geldlening [geïntimeerde] – [X] Beheer B.V.
ONDERGETEKENDEN:
1. [appellant] (...), gehuwd met mevrouw [persoon B] ;
handelend:
a. voor zich in privé;
b. in zijn hoedanigheid van enig bevoegd bestuurder van (...) [X] Beheer B.V. (...)
[X] Beheer B.V. hierna te noemen: “schuldenaar”;