Rechtbank Amsterdam, 23-12-2019, ECLI:NL:RBAMS:2019:9887, C/13/663563 / HA RK 19-97
Rechtbank Amsterdam, 23-12-2019, ECLI:NL:RBAMS:2019:9887, C/13/663563 / HA RK 19-97
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Amsterdam
- Datum uitspraak
- 23 december 2019
- Datum publicatie
- 4 februari 2020
- ECLI
- ECLI:NL:RBAMS:2019:9887
- Zaaknummer
- C/13/663563 / HA RK 19-97
Inhoudsindicatie
Verzoek tot verwijdering van URL’s uit Google Search afgewezen (AVG); geen recht om vergeten te worden
Uitspraak
beschikking
Afdeling privaatrecht
zaaknummer / rekestnummer: C/13/663563 / HA RK 19-97
Beschikking van 23 december 2019
in de zaak van
[verzoeker] ,
wonende te [woonplaats] (Duitsland),
verzoeker,
advocaat mr. I. Brouwer te Bussum,
tegen
de rechtspersoon naar vreemd recht
GOOGLE LLC,
gevestigd te Mountain View (Verenigde Staten van Amerika)
verweerster,
advocaat mr. D. Verhulst te Amsterdam.
Partijen zullen hierna [verzoeker] en Google worden genoemd.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- -
-
het verzoekschrift met producties 1-7, ingekomen ter griffie op 18 maart 2019,
- -
-
het aangepaste verzoekschrift gericht tegen Google Netherlands B.V., ingekomen ter griffie op 26 maart 2019,
- -
-
het eenstemmige verzoek van partijen van 18 juni 2019 om op de mondelinge behandeling eerst de formele vragen in deze zaak te behandelen,
- -
-
de brief van 30 april 2019 namens [verzoeker] met een aanvulling op het verzoekschrift,
- -
-
de tussenbeschikking van 9 mei 2019 waarbij een mondelinge behandeling is bepaald,
- -
-
de brief van 18 juni 2019 namens [verzoeker] waarin is geschreven dat partijen zijn overeengekomen dat het verzoekschrift wordt gewijzigd in die zin dat het verzoek zich uitsluitend tot Google richt en niet tot Google Netherlands B.V. en dat Google vrijwillig in de procedure zal verschijnen,
- -
-
het verweerschrift met producties 1-23, ingekomen ter griffie op 24 juni 2019,
- -
-
het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 25 september 2019, met de daarin genoemde (proces)stukken.
Partijen zijn in de gelegenheid gesteld opmerkingen te maken bij het buiten hun aanwezigheid opgemaakte proces-verbaal van de mondelinge behandeling. Google heeft hiervan bij brief van 9 oktober 2019 en [verzoeker] bij brief van 10 oktober 2019 gebruik gemaakt. Deze beschikking wordt gewezen met inachtneming van de door partijen gemaakte opmerkingen.
Vervolgens is beschikking bepaald op heden. Partijen zijn door de rechtbank van de uitgestelde beschikkingsdatum op de hoogte gebracht.
2 De feiten
[verzoeker] is tandarts en voert zijn praktijk vanuit zijn kliniek “ [tandarts kliniek] ” in Duitsland. Daarnaast heeft hij de praktijk “ [tandarts praktijk] ” in Nederland. [verzoeker] heeft deelgenomen aan de televisieprogramma’s “ [televisieprogramma 1] ” en “ [televisieprogramma 2] ”.
Voorheen hield [verzoeker] enkel praktijk in Nederland. [verzoeker] was vanaf 17 maart 2009 geregistreerd als tandarts in het BIG-register. Hij heeft zich recentelijk laten uitschrijven uit het BIG-register. Het BIG‐register is gebaseerd op de Wet op de beroepen in de gezondheidszorg (hierna: de Wet BIG). In het BIG‐register staan alle beroepsbeoefenaren die in de Wet BIG als beschermende beroepen staan vermeld.
Google exploiteert de internetzoekmachine Google Search. Deze zoekmachine stelt gebruikers in staat informatie op het internet te vinden. Gebruikers kunnen op de openingswebpagina van Google, bijvoorbeeld http://www.google.nl of http://www.google.com, aan de hand van één of meer zoektermen een zoekopdracht opgeven, waarna de zoekmachine een pagina met zoekresultaten weergeeft. Deze zoekresultaten bestaan uit een combinatie van een titel van een webpagina met daaronder het internetadres van de webpagina, de Uniform Resource Locator (hierna: URL), en een snippet, een korte samenvatting van de webpagina (hierna wordt deze combinatie genoemd: een zoekresultaat). De selectie en ordening van de zoekresultaten en de vertoning daarvan aan de gebruiker zijn het resultaat van een geautomatiseerd, algoritmisch proces. De zoekmachine indexeert op het internet gepubliceerde of opgeslagen informatie, slaat die tijdelijk op en stelt aan de hand van zoektermen zoekresultaten in een bepaalde volgorde aan internetgebruikers ter beschikking.
Het Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg in Amsterdam en in Zwolle hebben bij uitspraken van 28 oktober 2014, 22 mei 2015, 14 augustus 2015 en 4 november 2016 aan [verzoeker] tuchtmaatregelen opgelegd naar aanleiding van klachten van patiënten over behandelingen die [verzoeker] in Nederland heeft uitgevoerd. Het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg heeft het beroep van [verzoeker] tegen de beslissing van 28 oktober 2014 verworpen, de beslissing van 14 augustus 2015 vernietigd en een voorwaardelijke schorsing voor de duur van drie maanden opgelegd en de beslissing van 4 november 2016 deels vernietigd en de maatregel van waarschuwing opgelegd. De tuchtrechtelijke uitspraken zijn in geanonimiseerde vorm gepubliceerd op de website https://tuchtrecht.overheid.nl/. De opgelegde maatregelen zijn op grond van de Wet BIG in het BIG-register gepubliceerd. Het BIG-register kan worden geraadpleegd via de website https://www.bigregister.nl/.
In het BIG-register is vermeld dat aan [verzoeker] op 6 juli 2015 en 10 december 2015 een berisping is opgelegd vanwege onjuiste behandeling en/of verkeerde diagnose. Berispingen blijven in het BIG-register vijf jaar na de publicatie van de onherroepelijke uitspraak van het tuchtcollege zichtbaar. Verder is in het BIG-register vermeld dat aan [verzoeker] een voorwaardelijke schorsing is opgelegd van drie maanden vanaf 21 juli 2016 en een proeftijd van twee jaar vanwege onjuiste behandeling en/of verkeerde diagnose, onjuiste declaratie(s), verstrekking van onvoldoende informatie en onvolledige dossiervorming. Voorwaardelijke schorsingen blijven in het BIG-register na de publicatie van de onherroepelijke uitspraak van het tuchtcollege tijdens de proeftijd en vijf jaar na afloop daarvan zichtbaar.
Bij het opgeven van de voor- en achternaam (hierna: de naam) van [verzoeker] of de naam in combinatie met de zoekterm “tuchtrecht” als zoekopdracht in de zoekmachine wordt een aantal zoekresultaten weergegeven, die leiden naar door derden gepubliceerde webpagina’s waarop de aan [verzoeker] opgelegde tuchtmaatregelen onder de aandacht van het publiek worden gebracht. Op de eerste pagina van de zoekresultaten wordt ook een foto van [verzoeker] getoond.
Op 5 februari 2019 heeft (de advocaat van) [verzoeker] Google via het daartoe bestemd online webformulier verzocht de zoekresultaten die voortkomen uit zoekopdrachten op zijn naam of de combinatie van zijn naam met de zoekterm “tuchtrecht” te verwijderen. Het verzoek zag op de volgende URL’s:
-
https://www.sin-nl.org/doofpot/ [internet adres] /
-
https://www.sin-nl.org/ [internet adres] /
-
https://drimble.nl/gezondheid [internet adres]
-
https://www.sin-nl.org/ [internet adres] /
-
https://www.zwartelijstartsen.nl/ [internet adres]
-
https://www.zwartelijstartsen.com/ [internet adres]
-
https://www.bigregister.nl/binaries/bigregister/documenten/publicaties/ [internet adres]
(De URL’s worden hierna met de hiervoor genoemde nummers aangeduid.)
Bij e-mail van 11 februari 2019 heeft Google het verzoek van [verzoeker] tot verwijdering van URL’s 5 en 7 ingewilligd en de zoekresultaten verwijderd. Ten aanzien van URL 6 heeft Google [verzoeker] bericht dat die URL niet verschijnt bij een zoekopdracht op zijn naam. De verwijderingsverzoeken ten aanzien van URL’s 1 tot en met 4 heeft Google afgewezen met de volgende mededeling:
“(...) Having assessed the balance of relevant rights and interests relating to the content in question, including factors such as its relevance to your professional life, Google has decided not to block this content.
At this time, Google has decided not to take action on these URLs. (...)”
Bij e-mails van 14 februari 2019 en 1 maart 2019 heeft (de advocaat van) [verzoeker] Google nogmaals verzocht URL’s 1 tot en met 4 naar www.sin-nl.org en www.drimble.nl te verwijderen. Daarbij heeft zij erop gewezen dat de website www.sin-nl.org nauw verweven is met de website www.zwartelijstenartsen.nl, waarvan de URL’s door Google zijn verwijderd, zodat de door Google te maken belangenafweging in beide gevallen tot dezelfde conclusie zou moeten leiden. Google is hiertoe niet overgegaan.
Op 15 juli 2019 heeft [verzoeker] Google verzocht de .com variant van URL 5 te verwijderen. Op 16 juli 2019 heeft Google dit verzoek ingewilligd en is Google overgegaan tot verwijdering van de URL https://www.zwartelijstartsen.com/ [internet adres] (hierna: URL 8).
3 Het verzoek en het verweer
[verzoeker] verzoekt de rechtbank – na wijziging van het verzoek – Google bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren beschikking:
I te bevelen om binnen tien dagen, althans binnen een door de rechtbank te bepalen termijn, de met de hiervoor onder 2.7 genoemde URL’s 1 tot en met 4 verbonden zoekresultaten te verwijderen en verwijderd te houden;
II te bevelen om het proces tot verwijdering van persoonsgegevens zo in te richten dat eenmaal verwijderde koppelingen ten aanzien van [verzoeker] verwijderd blijven en nieuwe, soortgelijke, koppelingen niet verschijnen;
III te veroordelen in de proceskosten.
[verzoeker] legt – samengevat – aan zijn verzoek ten grondslag.
Primair voert [verzoeker] aan dat Google in strijd met artikel 9 en 10 AVG handelt, omdat de persoonsgegevens over zijn tuchtrechtelijke verleden moeten worden aangemerkt als strafrechtelijke, dan wel bijzondere persoonsgegevens. Ter onderbouwing van dit standpunt verwijst hij naar de wetsgeschiedenis van de Wet Bescherming Persoonsgegevens (hierna: Wbp), de daaronder geldende rechtspraak, de wetsgeschiedenis van de Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming (hierna: UAVG) en de beschikking van deze rechtbank van 22 maart 2018 (ECLI:NL:RBAMS:2018:3355). Volgens [verzoeker] hebben tuchtrechtelijke gegevens vanwege hun specifieke en gevoelige aard een andere status dan de verwerking van “normale minder gevoelige” persoonsgegevens. Gelet hierop is de verwerking van Google van zijn persoonsgegevens onderworpen aan een strenger regime en is die verwerking onrechtmatig, omdat geen sprake is van de in artikel 10 AVG genoemde gronden en evenmin van de in de UAVG vermelde uitzonderingen. Voor zover sprake is van een publiek belang bij kennisname van de gegevens, moet de belangenafweging in het voordeel van [verzoeker] uitvallen, omdat het verwerken van de tuchtrechtelijke persoonsgegevens onevenredig nadelige gevolgen voor zijn werk- en privéleven heeft, terwijl zijn veroordeling ziet op relatief lichtelijke vergrijpen in een ver verleden.
Indien de verwerking van de persoonsgegevens van [verzoeker] niet als verwerking van strafrechtelijke gegevens wordt aangemerkt, dan moet de verwerking volgens [verzoeker] als de verwerking van bijzondere persoonsgegevens in de zin van artikel 9 AVG worden aangemerkt. Tuchtrechtelijke gegevens behoren niet tot de “gewone” categorie persoonsgegevens en bezoekers kunnen gelet op de aard van de informatie en de foto van [verzoeker] die via de URL’s beschikbaar wordt gemaakt, de etniciteit, het ras of de afkomst van [verzoeker] uit de persoonsgegevens afleiden. Van een zwaarwegend belang als bedoeld onder g, lid 2, van artikel 9 AVG is geen sprake, zodat een belangenafweging in het nadeel van Google uitvalt.
Subsidiair doet [verzoeker] een beroep op artikel 17 lid 1 onder a en onder c AVG (het recht op vergetelheid) onder verwijzing naar de uitspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJEU) van 13 mei 2014 in de zaak Costeja (C‐131/12, ECLI:EU:C:2014:317, hierna: Costeja-arrest), het arrest van de Hoge Raad (HR) van 24 februari 2017 (ECLI:NL:HR:2017:316, hierna: X/Google-arrest) en de beschikking van 19 juli 2018 van deze rechtbank (ECLI:NL:RBAMS:2018:8606). Volgens [verzoeker] zijn de persoonsgegevens niet langer nodig voor de doeleinden waarvoor ze zijn verzameld en zijn er geen dwingende gerechtvaardigde gronden aanwezig voor de verwerking daarvan, omdat de informatie op de websites beschadigend, onjuist en niet actueel is.
Volgens [verzoeker] moet de belangenafweging in zijn voordeel uitvallen. Het publiek kan het BIG-register raadplegen waarin de tuchtmaatregelen met de bijbehorende reden is geregistreerd en de tuchtrechtelijke uitspraken zijn online gepubliceerd op www.tuchtrecht.overheid.nl. De wettelijke grondslag van de zogenaamde “zwarte lijsten” is dubieus. Via de URL’s wordt informatie op een zeer tendentieuze, suggestieve en insinuerende wijze openbaar gemaakt. [verzoeker] ondervindt daarvan veel last en lijdt schade zowel privé als in de uitoefening van zijn praktijk. Gelet hierop moet het recht van [verzoeker] op privacy prevaleren, aldus steeds [verzoeker] .
Verder stelt [verzoeker] dat Google in strijd heeft gehandeld met artikel 12 AVG. Volgens [verzoeker] valt niet in te zien waarom de belangenafweging tot een weigering van het verzoek om verwijdering van de onder 2.7 genoemde URL’s 1 tot en met 4 heeft geleid, maar een inwilliging van het verzoek tot verwijdering van de zoekresultaten die op www.zwartelijsten.nl, dan wel www.zwartelijsten.com (URL’s 5, 6 en 8) zien, terwijl het om dezelfde informatie gaat en de bronpagina’s van URL’s 1, 2 en 4 naar de verwijderde zoekresultaten verwijzen. De toelichting die Google hiervoor heeft gegeven is onvoldoende transparant, omdat daaruit niet volgt op basis waarvan Google meent een gerechtvaardigd belang te hebben bij de vertoning van de zoekresultaten.
Google voert verweer en concludeert tot afwijzing van het verzoek met veroordeling van [verzoeker] in de proceskosten. Zeer kort samengevat stelt Google zich op het standpunt dat geen sprake is van bijzondere of strafrechtelijke gegevens. Volgens Google is de verwerking van de persoonsgegevens van [verzoeker] noodzakelijk voor een gerechtvaardigd belang in de zin van artikel 6 lid 1 sub f AVG van Google om via haar zoekmachine een ongecensureerd, betrouwbaar en nuttig zoekresultaat te kunnen bieden, het belang van het publiek om informatie op internet vrij te kunnen vinden en raadplegen en de belangen van de internetgebruikers en media om informatie vrij op internet te kunnen publiceren en die informatie ook vindbaar te laten zijn. Volgens Google maken die gerechtvaardigde belangen dat de gegevensverwerking in beginsel rechtmatig is.
Op de standpunten van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.