Home

Rechtbank Den Haag, 20-09-2022, ECLI:NL:RBDHA:2022:10131, 21_7599

Rechtbank Den Haag, 20-09-2022, ECLI:NL:RBDHA:2022:10131, 21_7599

Gegevens

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
20 september 2022
Datum publicatie
12 januari 2023
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2022:10131
Zaaknummer
21_7599
Relevante informatie
Art. 17 lid 2 Wet WOZ, Art. 22 Wet WOZ, Art. 7:7 Awb

Inhoudsindicatie

Verweerder heeft de waarde van de onroerende zaak op waardepeildatum 1 januari 2020 naar toestandsdatum 1 januari 2021 voor het kalenderjaar 2021 vastgesteld op € 295.000. De rechtbank is van oordeel dat verweerder de waarde niet aannemelijk heeft gemaakt, omdat van het onderhavige object en de vergelijkingsobjecten geen gerealiseerde huurwaarden zijn aangevoerd. Daarmee heeft verweerder de kapitalisatiefactoren van zowel de onroerende zaak als de referentieobjecten niet met voor de rechtbank inzichtelijke gegevens onderbouwd. Met hetgeen eiseres heeft gesteld, heeft zij de door haar bepleite waarde van € 199.000 eveneens niet aannemelijk gemaakt. De rechtbank stelt de waarde van de onroerende zaak schattenderwijs vast op € 245.000. Beroep gegrond.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG

Team belastingrecht

zaaknummer: SGR 21/7599

proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 20 september 2022 in de zaak tussen

[eiseres] , wonende te [woonplaats] , eiseres(gemachtigde: mr. D.A.N. Bartels),

en

de heffingsambtenaar van de gemeente Noordwijk, verweerder.

De bestreden uitspraak op bezwaar

Zitting

Beslissing

Overwegingen

Rechtsmiddel