Home

Rechtbank Den Haag, 21-03-2023, ECLI:NL:RBDHA:2023:4024, AWB - 21 _ 7940

Rechtbank Den Haag, 21-03-2023, ECLI:NL:RBDHA:2023:4024, AWB - 21 _ 7940

Gegevens

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
21 maart 2023
Datum publicatie
7 april 2023
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2023:4024
Zaaknummer
AWB - 21 _ 7940
Relevante informatie
Art. 17 lid 2 Wet WOZ, Art. 22 Wet WOZ, Art. 30 Wet WOZ, Art. 7:10 Awb, Art. 6 EVRM

Inhoudsindicatie

Wegens overschrijding van de redelijke termijn heeft eiser recht op een immateriële schadevergoeding. De rechtbank is van oordeel dat nu verweerder binnen de termijn van artikel 30, lid 9 van de Wet WOZ uitspraak op bezwaar heeft gedaan, de schending van de redelijke termijn toegerekend dient te worden aan de rechtbank, aangezien de rechtbank onder normale omstandigheden binnen twee jaar uitspraak op het beroep zou moeten kunnen doen.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG

Team belastingrecht

zaaknummer: SGR 21/7940

proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van

[eiser], wonende te [woonplaats], eiser(gemachtigde: G. Gieben),

en

de heffingsambtenaar van de gemeente Noordwijk, verweerder

en

de Staat der Nederlanden, de Minister voor Rechtsbescherming, de Staat.

De bestreden uitspraak op bezwaar

Zitting

Beslissing

Overwegingen

Rechtsmiddel