Home

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 11-07-2023, ECLI:NL:RBZWB:2023:4606, 20/10420

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 11-07-2023, ECLI:NL:RBZWB:2023:4606, 20/10420

Gegevens

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
11 juli 2023
Datum publicatie
26 juli 2023
ECLI
ECLI:NL:RBZWB:2023:4606
Zaaknummer
20/10420
Relevante informatie
Art. 8:26 Awb, Art. 17 WOZ, Art. 18 WOZ

Inhoudsindicatie

Deze uitspraak is niet voorzien van een samenvatting.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Zittingsplaats Middelburg

Belastingrecht

zaaknummer: BRE 20/10420

[belanghebbende], gevestigd te [plaats 1], belanghebbende

(gemachtigde: [gemachtigde]),

en

de heffingsambtenaar van SaBeWa, de heffingsambtenaar.

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van belanghebbende tegen de uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar van 26 november 2020.

1.1.

De heffingsambtenaar heeft bij beschikking van 29 februari 2020 de waarde van de onroerende zaak [adres] te [plaats 2] (de onroerende zaak) op 1 januari 2019 (de waardepeildatum) vastgesteld op € 1.913.000 (de beschikking). Met deze waardevaststelling is aan belanghebbende ook de aanslag in de onroerendezaakbelastingen (gebruikersbelasting) van de gemeente Sluis voor het jaar 2020 opgelegd (de aanslag OZB).

1.2.

De heffingsambtenaar heeft het bezwaar van belanghebbende ongegrond verklaard.

1.3.

De heffingsambtenaar heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.

1.4.

Belanghebbende heeft nadere stukken ingediend.

1.5.

De rechtbank heeft het beroep op 31 maart 2023 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen de gemachtigde van belanghebbende en, namens de heffingsambtenaar, [heffingsambtenaar] en [taxateur] (taxateur).

1.6.

De rechtbank heeft geen aanleiding gezien om de eigenaar van de onroerende zaak op de voet van artikel 8:26 van de Algemene wet bestuursrecht in de gelegenheid te stellen als partij aan het geding deel te nemen. Daartoe heeft de rechtbank overwogen dat sprake is van professioneel vastgoed, door de heffingsambtenaar ter zitting is gemeld dat de eigenaar geen bezwaar heeft gemaakt en de gemachtigde van belanghebbende ter zitting heeft gemeld geen bezwaar te hebben om de zaak zonder de eigenaar van de onroerende zaak te behandelen.

Feiten

Beoordeling door de rechtbank

Conclusie en gevolgen

Beslissing

Informatie over hoger beroep