Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 31-08-2023, ECLI:NL:RBZWB:2023:6101, 21/4432
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 31-08-2023, ECLI:NL:RBZWB:2023:6101, 21/4432
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 31 augustus 2023
- Datum publicatie
- 26 oktober 2023
- Zaaknummer
- 21/4432
- Relevante informatie
- Art. 17 Wet WOZ, Art. 18 Wet WOZ, Art. 22 Wet WOZ, Art. 6:15 Awb
Inhoudsindicatie
WOZ-woning
Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Zittingsplaats Breda
Bestuursrecht
zaaknummer: BRE 21/4432
[belanghebbende], uit [plaats], belanghebbende
en
de heffingsambtenaar van de [gemeente], de heffingsambtenaar.
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van belanghebbende tegen de uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar van 27 augustus 2021.
De heffingsambtenaar heeft de waarde van de onroerende zaak, [adres] te [plaats] de woning op 1 januari 2020 (de waardepeildatum) vastgesteld op € 729.000 (de beschikking). Met deze waardevaststelling is aan belanghebbende ook de aanslag in de onroerendezaakbelastingen van de [gemeente] voor het jaar 2021 opgelegd (de aanslag).
De heffingsambtenaar heeft het bezwaar van belanghebbende ongegrond verklaard.
De heffingsambtenaar heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.
De rechtbank heeft het beroep op 8 juni 2023 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: belanghebbende, bijgestaan door zijn echtgenote en namens de heffingsambtenaar, [naam 1] en [naam 2].
De heffingsambtenaar heeft na de zitting een machtiging overgelegd. Een kopie van deze machtiging zal als bijlage bij deze uitspraak aan belanghebbende worden verzonden.