WPNR 2008, afl. 6772 - Handhaven of bijschaven? De effectiviteit van de WCAM
Aflevering 6772, gepubliceerd op 25-10-2008 geschreven door Mr. drs. A.R.J. Croiset van UchelenVoor mijn bijdrage aan dit themanummer van het WPNR was mij de werktitel “Collectieve afwikkeling: is de WCAM perfect?” toebedeeld. Een verleidingstactiek, want de reactie op zo’n vraag is instinctief een gretig: Nee, en ik zal u graag zeggen waarom niet. Ik heb echter een andere titel gekozen, om meer aan te sluiten bij het thema van de oratie uit 2006 van de gastredacteur van dit nummer, Willem van BoomEen Nederlandse versie van die (Engelstalige) oratie is te vinden in W.H. van Boom, Effectuerend handhaven in het privaatrecht, NJB nr. 16, 20 april 2007, pp. 982-991.. In het verlengde daarvan stel ik mij de - wat bescheidenere - vraag of de WCAM (de Wet Collectieve Afwikkeling MassaschadeTe vinden in de art. 7:907 e.v. BW en 1013 e.v. Rv. Er zijn t.a.v. de WCAM inmiddels twee dialecten ontstaan, het ene spreekt van de “Weekam”, het andere van de “Wee-see-aa-em”. Het eerste roept bij mij teveel reminiscenties op aan de Wehkamp-catalogus, dus ik behoor tot het tweede kamp.) een bijdrage kan leveren aan de handhaving van materiële rechtsnormen in het privaatrecht. Ik bespreek daarbij vooral de wijze waarop de WCAM, sinds zij in 2005 van kracht werd, in de praktijk heeft gefunctioneerd en in de toekomst nog kan functioneren en ga minder in op de technisch-juridische kanttekeningen die bij de WCAM zijn te plaatsen. Die zijn er, en de literatuur over de jonge WCAM heeft dan ook al een respectabele omvang aangenomenIk signaleer in elk geval de volgende artikelen: C.H.D.W. van den Borne, ‘Wetsvoorstel massaschade. Oplossing voor collectieve acties?’, Bb nr. 24, 25 nov. 2004, p. 241-243; R.M.L.A. Martius, ‘Collectieve afwikkeling van massaschade volgens de Wet collectieve afwikkeling massaschade: daadwerkelijk collectieve afwikkeling van massaschade?’, PP nr. 6, nov./dec. 2005, p. 190-199; M.F. Poot, ‘Internationale afwikkeling van massaschades met de wet collectieve afwikkeling massaschade’, in: Geschriften vanwege de Vereniging Corporate Litigation 2005-2006, p. 169-202; M.V. Polak, ‘Iedereen en overal? internationaal privaatrecht rond “massaclaims”’, NJB nr. 41, 17 november 2006, p. 2346-2355; H.B. Krans, ‘Collectieve afwikkeling van massaschade door de Consumentenautoriteit: vragen over bevoegdheid en representativiteit’, WPNR nr. 6673, 22/29 juli 2006, p. 521-525; A.F.J.A. Leijten, ‘Actualiteiten: twee WCAM-zwaluwen aan het begin van de zomer’, Ondernemingsrecht nr. 10/11, 13 juli 2006, p. 390-392; M.J. Siegers, ‘Afwikkeling massaschade: aandachtspunten bij het totstandkomen van een collectieve regeling’, Vennootschap & Onderneming, 01, 2006, p. 2-5; R.B. Gerretsen, ‘Procederen over massaschade’, O&F nr. 71, juni 2006, p. 3-12; R.S. Meijer, ‘Massaschade’, AA nr. 10, okt. 2007, p. 748-754; H.M. Veenstra, ‘Uitleg van een collectieve regeling tot vergoeding van massaschade’, NTBR nr. 1, jan. 2007, p. 2-8; C.J.M. van Doorn, ‘De tweede WCAM-beschikking is een feit: tijd voor een terugblik en een blik vooruit. Hof Amsterdam 25 januari 2007, rekestnummer 1783/05, LJN AZ7033’, AV&S nr. 3, juni 2007, p. 105-114; N. Frenk, ‘Massaschade: de Nederlandse benadering’, AV&S nr. 5, okt. 2007, p. 214-222.; A.R.J. Croiset van Uchelen, ‘De verbindendverklaring volgens de WCAM als procesvorm’, AV&S nr. 5, okt. 2007, p. 222-228; I.N. Tzankova, ‘Toegang tot het recht bij massaschade’, AV&S nr. nr. 6, dec. 2007, p. 277-281; I.N. Tzankova, ‘Enkele overpeinzingen naar aanleiding van de Dexia-(be)schikking’, Ondernemingsrecht nr. 7, 2007, p. 282-287; H.B. Krans, ‘DES en Dexia: de eerste ervaringen met collectieve afwikkeling van massaschade’, NJB nr. 41, 16 nov. 2007, p. 2598-2604; J.M. Barendrecht & C.J.M. van Doorn, ‘Richtpunten voor massale geschillen: het schikkingsspel in de aandelenleaseaffaire’, NJB nr. 41, 16 nov. 2007, p. 2605-2612; A.R.J. Croiset van Uchelen, ‘Van corporate litigation naar corporate settlement - Het wetsontwerp Collectieve Afwikkeling Massaschade’, in: Geschriften vanwege de Vereniging Corporate Litigation 2003-2004, p. 129-161 en ‘Het wetsvoorstel collectieve afwikkeling massaschade (WV 29414)’, in: Geschriften vanwege de Vereniging Corporate Litigation 2004-2005, p. 321-329; A.R.J. Croiset van Uchelen, R. Hermans, J. Lemstra en D. Lunsingh Scheurleer,’ ”Mission statement” van een gelegenheidscoalitie. Naar een effectievere afwikkeling van massaschade’, NJB nr. 41, 16 nov. 2007, p. 2621-2624; P.J.M. van den Biggelaar en M.B.M. Loos, ‘Concentratie rechtsbijstand in massaschade loont’, NJB nr. 41, 16 nov. 2007, p. 2625-2632; C.W.M. Mulder, ‘Biedt de Wet collectieve afwikkeling massaschade een goede oplossing voor de afwikkeling van privaatrechtelijke massaclaims?’, PP nr. 5, sept./okt. 2007, p. 131-140; I.N. Tzankova, ‘“Ik weet dat ik niets weet”: reflectie op massaschade en empirie’, Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, 03, 2008; B.J. De Jong, ‘Actualiteiten: Amerikaanse rechter heeft geen rechtsmacht ter zake van de claims van Europese beleggers in de Shell class action’, Ondernemingsrecht nr. 1, 2008, p. 31-32; De WCAM is ook aan de orde in het proefschrift van Tzankova, Toegang tot het recht bij massaschade, 2007, Kluwer, Deventer, en in de Mordenate-congresbundel over massaclaims (N. van den Berg, R. Henkemans en A. Timmer, Massaclaims: class actions op z’n Nederlands, AA Libri, Nijmegen, 2007).. Velen, waaronder ik, zijn echter van mening dat de WCAM als een geslaagd stuk wetgeving mag worden beschouwd en inmiddels zijn onder de WCAM ook al twee regelingen verbindend verklaard (Des en Dexia) en zijn er drie andere aanhangig: Shell, Vie d’Or en (althans binnenkort:) Vedior.