WPNR 2009, afl. 6800 - Rommelen in het gezagsen naamrecht: beter op de kleintjes letten
Aflevering 6800, gepubliceerd op 23-05-2009 geschreven door Mw. dr. W.M. SchramaOp 28 februari 2009 is de Wet van 9 oktober 2008 tot wijziging van enige bepalingen van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek met betrekking tot het geregistreerd partnerschap, de geslachtsnaam en het verkrijgen van gezamenlijk gezag in werking getreden.Wet van 9 oktober 2008 tot wijziging van enige bepalingen van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek met betrekking tot het geregistreerd partnerschap, de geslachtsnaam en het verkrijgen van gezamenlijk gezag, Stb. 2008, 410. De inwerkingtreding is geregeld bij Besluit van 6 februari 2009, Stb. 2009, 56. Deze wet, die vooral het karakter van een reparatiewet heeft, kent een lange geschiedenis met een grote omweg. Het oorspronkelijke doel ervan is drieledig. In de eerste plaats wordt beoogd een in de literatuur gesignaleerde onjuiste interpretatie van art. 1:253aa BW uit te sluiten. In de tweede plaats wordt een verplaatsing gerealiseerd van het naamrecht verbonden aan gezamenlijk gezag uit art. 1:253sa BW naar art. 1:5 BW. Ten slotte is art. 1:253o BW aangepast, zodat nu ook een eenhoofdig verzoek tot wijziging van eenhoofdig naar gezamenlijk gezag mogelijk is. Kamerstukken II 2003/04, 29 353, nr. 3, p. 1-2. Zes jaar na de indiening van wetsvoorstel 29 353 is het resultaat meer dan een optelsom van deze drie wijzigingen, nu twee amendementen verdergaande stempels op het familierecht drukken. In deze bijdrage wordt daarop ingegaan en komen de wijzigingen en de nieuwe problemen die daarvan het resultaat zijn, aan de orde. Tot slot volgt een kritische beschouwing.