WPNR 2011, afl. 6882 - De executoriale verkoop van registergoederen: resultaten uit rechtsvergelijkend
onderzoek
Aflevering 6882, gepubliceerd op 09-04-2011 geschreven door Mw. mr. I. VisserOp 25 maart 2010 stelde het Ministerie van Justitie een concept-wetsvoorstel voor internetconsultatie beschikbaar, getiteld ‘Wijziging van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en het Burgerlijk Wetboek in verband met het transparanter en voor een breder publiek toegankelijk maken van de executoriale verkoop van onroerende zaken’.www.internetconsultatie.nl/executieveiling. De internetconsultatie stond open tot en met 31 mei 2010. Het concept-wetsvoorstel wordt hierna vermeld als concept-wetsvoorstel Executieveilingen. Op voormelde website is eveneens de bijbehorende concept-memorie van toelichting (hierna: concept-MvT) te vinden. Zie hierover ook de bijdrage van Strengers in dit themanummer. Op 31 januari 2011 is een gewijzigde versie van dit voorstel naar de Raad van State gestuurd (zie ‘Bieden via internet bij executieverkoop woning’, Persbericht 31 januari 2011, via<http://www. rijksoverheid.nl/ministeries/venj/documenten-en-publicaties/persberichten/2011/01/31/bieden-via-internet-bij-executieverkoop-woning.html>. Nu de inhoud ervan bij het schrijven van dit artikel (afgerond op 1 februari 2011) nog niet bekend was, is hiermee geen rekening gehouden. Het concept-wetsvoorstel voorziet in een aantal wijzigingen in de wetgeving betreffende executoriale verkoop. De titel ervan doet reeds vermoeden dat het nodige mis is met de huidige wijze waarop onroerende zaken worden verkocht door de hypotheekhouder. Hoewel dit niet met zoveel woorden wordt gesteld in de bijbehorende concept-memorie van toelichting, houdt de problematiek voornamelijk verband met de uiteindelijk bij de executoriale verkoop behaalde op -brengst.Op p. 1-2 van de concept-MvT somt de Minister van Justitie op wat er mis is in de huidige veilingpraktijk. Deze wordt “beheerst door handelaren die de prijs in veel gevallen kunstmatig laag houden” en voor particulieren bestaat er “een drempel om een onroerende zaak op een executoriale veiling te kopen” vanwege “het gesloten karakter van de veiling en de risico’s die een veilingkoper loopt”. Zie tevens de bijdrage van Strengers in dit themanummer. Uit onderzoek van de Erasmus Universiteit Rotterdam komt naar voren dat de veilingopbrengst gemiddeld 37% lager is dan de (geschatte) marktprijs van de woning, de concepmemorie van toelichting vermeldt een korting van 30% ten opzichte van de onderhandse verkoopopbrengst.D. Brounen, ‘Eenmaal, andermaal...’ in: The Bloom and Gloom of Real Estate Markets (oratie Rotterdam) 2009, via www.erim.eur.nl; MvT bij het concept-wetsvoorstel Executieveilingen, p. 2. Niet duidelijk wordt, waar de in de MvT vermelde gegevens vandaan komen. Zie ook onderdeel 5.3 van dit artikel. Op het moment dat de executoriale verkoopprocedure in eigen land ter discussie staat, is het interessant deze te onderwerpen aan een rechtsvergelijkend onderzoek. De Nederlandse procedure wordt daarbij vergeleken met de procedures in de ons omringende landen. Een dergelijk onderzoek biedt de mogelijkheid de verschillende procedures te beoordelen op hun effectiviteit en efficiëntie en tevens inspiratie op te doen voor verbetering van de eigen wetgeving. Deze bedrage geeft een overzicht van de resultaten van een rechtsvergelijkend onderzoek naar de procedures van executoriale verkoop in een zevental lidstaten van de Europese Unie, uitgevoerd in de eerste helft van 2010.