Splitsing van een onroerende zaak in meerdere onroerende zaken vóór de aanvang van het WOZ-tijdvak (artikel 19) (Bunschoten)
ECLI:NL:GHAMS:1999:AA8095, datum uitspraak 28-05-1999, publicatiedatum 04-07-2001
Aflevering 1999, gepubliceerd op 31-12-1999 Een niet als zodanig kenbare beschikking in de zin van art. 25 WOZ, dat wil zeggen een beschikking welke genomen moet worden indien zich een der gevallen van art. 19 WOZ voordoet, wordt door het Hof niettemin als een art. 25 WOZ-beschikking beschouwd, omdat de beschikking is genomen op een tijdstip dat de in art. 19 bedoelde omstandigheden hun beslag reeds hadden gekregen en niet kan worden ingezien welk belang belanghebbende zou hebben bij de beoordeling van een vastgestelde waarde van een onroerende zaak welke bij de aanvang van het tijdvak waarvoor de waarde moet worden vastgesteld niet meer bestond, omdat na de waardepeildatum die zaak was opgegaan in twee afzonderlijke onroerende zaken.