NTFR 2021/795 - Hoge Raad ziet af van beantwoording prejudiciële vragen over bewijslevering
ECLI:NL:HR:2021:294, datum uitspraak 26-02-2021, publicatiedatum 26-02-2021
Aflevering 9, gepubliceerd op 04-03-2021 met annotatie van mr. M.B. WeijersRechtbank Den Haag heeft bij tussenuitspraak van 15 juli 2020 (nr. 18/8226, NTFR 2020/2530) twee prejudiciële vragen gesteld aan de Hoge Raad. Beide vragen houden verband met het leveren van bewijs voor het bestaan van een recht op aftrek van omzetbelasting ter zake van aan een ondernemer geleverde goederen en verleende diensten die de ondernemer op zijn beurt gebruikt voor het verrichten van prestaties in het kader van bitcoin mining. De Hoge Raad ziet echter af van beantwoording van deze vragen over bewijslevering. Anders dan waarvan de rechtbank uitgaat, vergt een geschil over bewijslevering niet een uitleg van art. 15, lid 2, Wet OB 1968. Niettemin merkt de Hoge Raad nog wel op dat er in deze zaak geen reden is om af te wijken van het uitgangspunt dat een partij alles wat haar ter beschikking staat, mag aandragen als bewijsmiddel.