FBN 2019/46 - De fiscale aspecten van kavelruil in de Omgevingswet: oude wijn in nieuwe zakken?
Aflevering 9, gepubliceerd op 23-09-2019 geschreven door Rheinfeld, J.W.A.In art. 15 lid 1 onderdeel l Wet op belastingen van rechtsverkeer (hierna: WBRV) is bepaald dat verkrijgingen krachtens de Wet inrichting landelijk gebied (hierna: Wilg) vrijgesteld zijn van overdrachtsbelasting. Meer bepaald betreft dit verkrijgingen krachtens de landinrichtingsinstrumenten (dwingende) herverkaveling en (vrijwillige) kavelruil. De vrijstelling is niet aan nadere voorwaarden gebonden: zodra sprake is van een herverkaveling als bedoeld in art. 42-84 Wilg of een kavelruil als bedoeld in hoofdstuk 9 Wilg, is de vrijstelling van toepassing. De vraag is of deze situatie zo blijft, aangezien de wettelijke regels omtrent landinrichting per 1 januari 2021, via de Aanvullingswet grondeigendom, zullen opgaan in de Omgevingswet. In deze bijdrage zal op hoofdlijnen worden ingegaan op deze overgang en de fiscale gevolgen hiervan. Gezien het grote belang voor de notariële praktijk zal daarbij uitsluitend het landinrichtingsinstrument kavelruil aan de orde komen.