Grondzaken in de praktijk 2017, afl. 1 - Overzicht jurisprudentie 1 november 2016 tot 1 januari 2017
Aflevering 1, gepubliceerd op 21-02-2017 geschreven door Loo, mr. F.M.A. van derVolgens vaste rechtspraak van de Hoge Raad moet in beginsel ervan worden uitgegaan dat het voordeel van bruikbare bodembestanddelen door de onteigenaar en onteigende wordt gedeeld, en dient de vergoeding ter zake van de bodembestanddelen daarom te worden gesteld op de helft van dit voordeel, tenzij bijzondere omstandigheden aanleiding geven een andere verdeelsleutel toe te passen. De onteigeningsrechter is in beginsel vrij in zijn keuze van de waarderingsmethode en hij kan eventueel ook een combinatie van methodes hanteren. Voor zover de vergelijkingsmethode wordt gehanteerd, is een verdeling bij helfte van het voordeel uiteraard niet aan de orde. De rechtbank heeft in dit geval de meerwaarde als gevolg van de aanwezigheid van de bruikbare bodembestanddelen vastgesteld deels door vergelijking met betaalde prijzen en deels door gebruik te maken van de exploitatiebegroting die deskundigen hebben opgesteld met betrekking tot de winning van de aanwezige bodembestanddelen (zand, klei en grind). In casu stond het de rechtbank vrij te komen tot een afwijking van de verdeling bij helfte van het berekende voordeel.