HIP 2011, afl. 3 - Art. – De vordering huurprijsvaststelling 290-bedrijfsruimte in vogelvlucht
Aflevering 3, gepubliceerd op 01-05-2011 geschreven door mr. M.H.L. van Dijkman en mr. M.T. van SteijnIn het huurrecht voor bedrijfsruimte is het uitgangspunt dat verhuurder en huurder vrij zijn in het bepalen van de huurprijs. Indien één van de partijen, gedurende de looptijd van de huurovereenkomst, van mening is dat de huurprijs niet overeenstemt met de huurprijs van vergelijkbare bedrijfsruimte ter plaatse en geen onderlinge overeenstemming is te bereiken over een nieuwe huurprijs, kan zowel verhuurder als huurder vorderen dat de rechter de huurprijs nader vaststelt. Het gaat hier expliciet om nadere vaststelling van de tegenprestatie voor het gebruik van 290-bedrijfsruimte. Art. 7:303 BW geeft aan wanneer verhuurder of huurder een vordering tot wijziging van de huurprijs kan instellen, welke maatstaf daarbij geldt en op welke tijdstip de gewijzigde huurprijs ingaat. In deze bijdrage zal op deze punten worden ingegaan. Hierbij zal ook art. 7:304 BW Wetboek worden betrokken. In art. 7:304 BW is immers bepaald dat een vordering tot nadere huurprijsvaststelling slechts ontvankelijk is, indien deze vergezeld gaat van een advies omtrent de huurprijs opgesteld door één of meer door partijen gezamenlijk benoemde deskundigen.