JERF 2023/89 - Onvoldoende onderbouwing aannemen financieel misbruik erflater
ECLI:NL:RBROT:2023:2415, datum uitspraak 22-02-2023, publicatiedatum 23-03-2023
Aflevering 5, gepubliceerd op 24-07-2023 10 maanden voor het overlijden heeft erflater € 50.000 aan gedaagde overgemaakt. Niet in geschil is dat erflater aan het eind van zijn leven helder van geest was en de overschrijvingskaart zelf heeft ondertekend. Fiscaal maakt het niet uit of sprake is van een schenking of van een erfenis. Gedaagde is voor 85% erfgenaam, de schenking is daarmee in lijn met het testament. Er zijn daarmee onvoldoende objectieve aanknopingspunten om financieel misbruik aan te nemen. In de periode van 18 maanden voor het overlijden hebben contante geldopnamen plaatsgevonden. Onvoldoende is onderbouwd dat die bedragen gedaagde ten goede kwamen. Voorts was gedaagde gevolmachtigde op grond van het levenstestament, was erflater helder van geest en financieel betrokken en kon hij kennis nemen van de (papieren)bankafschriften. Geen sprake van onverschuldigde betaling, ongerechtvaardigde verrijking of onrechtmatige daad.