JOR 2016/83 - Hoge Raad, 05-02-2016, ECLI:NL:HR:2016:199, ECLI:NL:PHR:2015:2289, 14/06068 (met annotatie van prof. mr. S.C.J.J. Kortmann)
ECLI:NL:HR:2016:199, datum uitspraak 05-02-2016, publicatiedatum 05-02-2016
ECLI:NL:PHR:2015:2289, datum uitspraak 20-11-2015, publicatiedatum 05-02-2016
Aflevering 3, gepubliceerd op 04-03-2016 met annotatie van prof. mr. S.C.J.J. KortmannPandrecht op vorderingen, Onrechtmatige incasso door curator, Boedelschuld ter hoogte van door curator ten onrechte geïncasseerde bedragen, Ook in geval boedelactief mede bestaat uit opbrengst van door curator onrechtmatig geïncasseerde verpande vorderingen, gaan kosten van vereffening en executie (waaronder salaris en verschotten curator) voor op boedelvordering pandhouder, Persoonlijke aansprakelijkheid curator, Verwijzing naar HR 28 september 1990, NJ 1991/305 (De Ranitz q.q./Ontvanger); HR 19 april 1996, «JOR» 1996/48, m.nt. SCJJK (Maclou); HR 30 oktober 2009, «JOR» 2009/341, m.nt. Van Andel (Hamm q.q./ABN Amro) en HR 16 december 2011, «JOR» 2012/65, m.nt. Spinath (Prakke/Gips)). Vervolg op Rb. Noord-Nederland 23 januari 2013, «JOR» 2014/207 en Hof Arnhem-Leeuwarden 12 augustus 2014, «JOR» 2015/51, m.nt. NEDF