REP 2017/291 - Sign. - Lotsverbondenheid verbroken door aanhoudend grievend gedrag (Rechtbank Limburg 9 mei 2017, ECLI:NL:RBLIM:2017:4198)
Aflevering 5, gepubliceerd op 27-07-2017 M en V zijn in 2001 met elkaar gehuwd, uit welk huwelijk in 2003 dochter D is geboren. In 2008 gaan partijen feitelijk uiteen. In 2010 wordt het huwelijk door echtscheiding ontbonden. D heeft haar hoofdverblijf bij M. De rechtbank heeft de door M aan V te betalen partneralimentatie vastgesteld op € 995,75 per maand. M verzoekt de rechtbank de door hem partneralimentatie te beëindigen of te matigen op grond van het (inmiddels) ontbreken van de lotsverbondenheid. Volgens M kan het ernstig grievende wangedrag van V (bestaande uit de al jarenlang voortdurende treiterijen, agressie en bedreigingen, laster en onder meer psychische geweldplegingen jegens D, M, zijn familie en zijn omgeving, alsmede de bewuste beschadigingen van D, M én van hun relatie) niet worden gezien als gebruikelijke emoties in een vechtscheiding. Hier is sprake van voortdurende ernstige wrok en welbewust, op beschadigen van in het bijzonder M gericht, handelen van V, aldus M. V erkent dat er communicatieproblemen zijn ontstaan tussen haar en M, maar betwist dat sprake is van wangedrag harerzijds. Lotsverbondenheid is volgens V een vaststaand gegeven, alleen al vanwege het feit dat partijen gezamenlijk een dochter hebben. Dat partijen verwikkeld zijn in jarenlange procedures, maakt niet dat daardoor de lotsverbondenheid wordt verbroken.