TAP 2010, afl. 8 - Sign. - Medezeggenschapsrecht
Aflevering 8, gepubliceerd op 01-12-2010 In deze aflevering van JAR Verklaard bespreekt de auteur enkele recente uitspraken op het gebied van het medezeggenschapsrecht. Allereerst het onderwerp instemmingsrecht. In dit kader bespreekt zij de NS Reizigers-uitspraak («JAR» 2010/63, gesignaleerd in TAP 2010, 4) waarin de voorzieningenrechter oordeelde dat het besluit om een afwijkend kledingpakket in te voeren niet onder art. 27 WOR viel, maar er wel een instemmingsrecht gold op grond van een ondernemingsovereenkomst ex art. 32 WOR. Tevens bespreekt zij de Unilever-zaak, waarin zowel de Kantonrechter Rotterdam («JAR» 2009/210, gesignaleerd in TAP 2009, 7) als het Hof ’s-Gravenhage in hoger beroep («JAR» 2010/121, gesignaleerd in TAP 2010, 4) oordeelden dat een viertal voorgenomen besluiten (het laten vervallen van adv-dagen en leeftijdsafhankelijke vrije dagen, het invoeren van een vacaturestop, het bevriezen van salaris en het wijzigen van de variabele beloning) niet instemmingsplichtig was. Daarna bespreekt de auteur vier uitspraken over het adviesrecht. In zowel «JAR» 2010/88 (gesignaleerd in TAP 2010, 5, Stichting Wonen Welzijn Zorg), «JAR» 2010/180 (gesignaleerd in TAP 2010, 6, Environmental Sciences Group) en «JAR» 2009/161 (gesignaleerd in TAP 2009, 3, Stichting Ambulance Oost) hoeft de ondernemer zijn besluit niet in te trekken ondanks de kennelijke onredelijkheid ervan, omdat al uitvoering was gegeven aan het besluit ofwel onder grote tijdsdruk diende te worden gehandeld. Als vierde uitspraak komt Centrum Maliebaan aan de orde («JAR» 2010/120, gesignaleerd in TOP 2010, 6) waarin de ondernemingskamer (OK) overwoog dat de ondernemer onvoldoende was ingegaan op het door de ondernemingsraad (OR) aangedragen alternatief en het besluit mede daarom moest worden ingetrokken. Het laatste onderwerp betreft capita selecta medezeggenschapsrecht; besproken worden onder meer de kosten van een deskundige ex art. 22 WOR («JAR» 2010/86) en het begrip ‘werkzaam in de onderneming’ in de zin van art. 1 lid 3 WOR («JAR» 2010/94), beiden gesignaleerd in TAP 2010, 4.