TOP 2018/425 - Sign. - Raad van State ziet geen meerwaarde in extra aandeelhoudersregister
Aflevering 7, gepubliceerd op 06-11-2018 De Raad van State ziet geen toegevoegde waarde in de initiatiefwet centraal aandeelhoudersregister (CAHR), omdat Nederland vanuit de Europese Unie al verplicht wordt om een UBO-register op te zetten. De initiatiefnemers zijn het daar echter niet mee eens. Tweede Kamerleden Nijboer (PvdA) en Alkaya (SP) hebben 17 september jl. een gewijzigd initiatiefwetsvoorstel centraal aandeelhoudersregister (CAHR) ingediend (34 661). Het betreft een (beperkte) wijziging van het initiatiefwetsvoorstel CAHR dat begin 2017 bij de Kamer is ingediend. Met het CAHR kan zichtbaar worden wie er achter besloten en niet-beursgenoteerde naamloze vennootschappen zitten en worden de mogelijkheden voor controle, toezicht, handhaving en opsporing vergroot. Het dient daarmee een wapen te zijn in de strijd tegen fraude, witwassen en belastingontduiking. Maar de Raad van State ziet daar geen toegevoegde waarde in. Dit blijkt uit het op 19 september 2018 gepubliceerde advies. Ter implementatie van de Europese vierde anti-witwasrichtlijn heeft het kabinet in maart 2017 het wetsvoorstel voor een UBO-register in consultatie gebracht. De regering verwacht komend voorjaar het wetsvoorstel in te dienen. De Raad van State meent dat het UBO-register hetzelfde zal beogen als het CAHR, waardoor de Raad de toegevoegde waarde van het CAHR ten opzichte van het UBO-register beperkt acht. De Kamerleden zijn het niet eens met de kritiek van de Raad van State. Wel delen ze de mening dat de registers elkaar overlappen, maar menen dat dit maar in beperkte mate het geval is. Zij menen juist doordat het UBO-register en het CAHR naast elkaar komen te staan, een sluitender aanpak van de financieel-economische criminaliteit door middel van rechtspersonen mogelijk wordt. Volgens de initiatiefnemers is het CAHR betrouwbaarder en beter verifieerbaarder dan het UBO-register. Het UBO-register wordt namelijk gevuld door de uiteindelijk belanghebbende zelf en het CAHR op basis van notariële akten. Het CAHR komt ook onder beheer van de KNB. Verder staan in het UBO-register de belanghebbenden die meer dan 25% aandelen hebben, terwijl het CAHR alle aandeelhouders registreert, ongeacht de omvang van hun aandelenbelang. Binnenkort wordt het CAHR-initiatiefwetsvoorstel behandeld door de Vaste Commissie voor Financiën in de Tweede Kamer. Daarna volgt de plenaire behandeling.