JOR 2016/134 - Rechtbank Amsterdam, 11-02-2015, ECLI:NL:RBAMS:2015:535, HA ZA 12-187
ECLI:NL:RBAMS:2015:535, datum uitspraak 11-02-2015, publicatiedatum 16-02-2015
Aflevering 5, gepubliceerd op 11-05-2016 Renvooiprocedure, Bonusvordering werknemer (effectenhandelaar) van Nederlandse gefailleerde vennootschap die werkzaam was bij Zwitserse nevenvestiging, Zwitserse vestiging is ook in Zwitserland failliet verklaard, Bonusvordering is in Zwitserse renvooiprocedure afgewezen, Renvooiprocedure is procedure ex art. 1 lid 2 sub b EVEX II. EVEX II wél van toepassing op het geschil ten gronde, Onderscheid tussen rechter als renvooirechter en rechter als bodemrechter, Bevoegdheid van zowel Nederlandse rechter als bodemrechter als Zwitserse rechter, Renvooiprocedures worden niet gevoerd tussen “dezelfde partijen” ex art. 27 EVEX II, “Samenhangende vorderingen” ex art. 28 EVEX II, Erkenning Zwitserse uitspraak, Verwerping openbare orde-exceptie, Afwijzing eis tot verificatie, Verwijzing naar Hof van Justitie EG van 22 februari 1979, NJ 1979/564 (Gourdain/Nadler); HvJ EG 19 mei 1998, NJ 2000/155; HR 16 april 1999, «JOR» 1999/66, m.nt. Veder (Brown q.q./Ultrafin c.s.); HvJ EG 28 maart 2000, NJ 2003/626 en HvJ EU van 19 juli 2012, NJ 2013/334